|
Na op de Nurburgring in de eerste 350 cc race Agostini het nakijken te geven, begon Saarinen zijn seizoen in de 250 cc klasse niet direct zo succesvol. Er was hevige tegenstand van o.a. Dieter Braun op een eigenbouw V-twin ( opgebouwd uit Maico onderdelen), teammaten Hideo Kanaya en Rod Gould, evenals een sterk rijdende Renzo Pasolini op een Aermacchi 2-takt twin.
Na een derde plaats in Duitsland achter Kanaya en Braun, een 4e plaats in Frankrijk achter Phil Read, Pasolini en Kanaya, was het in Oostenrijk Borje Jansson op een supersnelle Derbi kwartliter die Jarno op 20 seconden achterstand reed. In Italie pakte de kleine Pasolini de hele Yamaha vloot in, inclusief een valpartij waarbij hij zijn voorsprong van 16 seconden geheel verspeelde, en hij na een verschrikkelijke klopjacht Gould en Saarinen nog met 4 seconden voorsprong versloeg.
Vervolgens werd de TT op het eiland Man door Saarinnen en o.a. Pasolini, Braun en Jansson gemeden omdat men het rijden hier nog steeds te gevaarlijk vond. Na een uitvallen in Joegoslavie, waar Renzo Pasolini de Yamaha's andermaal het nakijken gaf, begon in Assen de Yamaha-trein weer enigzins te lopen. De zege ging naar Rod Gould welke er meteen na de start zo'n furieus tempo in zette dat het voor de achtervolgers Read en Pasolini geen beginnen aan was om het gat te dichten. Jarno kon Read nog achterhalen en werd derde.
Hiermee kwam de tussenstand na 7 van de 13 Grand Prix op:
1. Rod Gould 56 punten.
2. Renzo Pasolini 54 punten.
3. Jarno Saarinen 50 punten.
4. Phil Read 38 punten.
5. John Dodds 29 punten.
6. Hideo Kanaya 26 punten.
In het Belgische Francorchamps kreeg de Fin zijn eerste kwartliter zege van het seizoen, na een pijlsnelle start kon Jarno slechts met de grootste moeite bijgebeend worden door Read, Grassetti, Gould, Braun en Dodds. Gould eindigde op 26 seconden als 2e voor Read.
De Grand Prix van Oost-Duitsland werd wederom afgetekend gewonnen, voor Pasolini en Gould. Ook Tsjecholowakije werd over-tuigend gewonnen met 40 seconden voorsprong op Pasolini en Read
In Zweedse Grand Prix zorgde Rod Gould voor een verrassing, door Jarno op een ongelofelijke achterstand te rijden, derde werd Pasolini voor Andersson. In Finland was de spanning bij de drie favorieten, Gould, Pasolini en Saarinen van de gezichten af te lezen, evenals bij de monteurs en begeleiders, wie zou van dit trio de sterkste zenuwen hebben in de twee slotraces?
Rod Gould verpeelde zijn titel doordat zijn Yamaha in de 2e ronde met ontstekings problemen te maken kreeg, en in de 14e ronde begon de Airmacchi over te slaan en was ook Renzo Pasolini uitgeteld. Jarno won de wedstrijd voor Grassetti en Andersson.
WERELDKAMPIOEN
Met zijn superieure rijstijl kwam dit jaar Jarno Saarinen als sterkste naar voren, hij won de wereldtitel maar kreeg dit niet bepaald cadeau. De Fin was in puntenaantal niet meer in te halen en liet bij de Spaanse Grand Prix verstek gaan, waarschijnlijk om de plannen voor het volgende seizoen alvast door te nemen.
Want dat men grootse plannen had in Japan was reeds bekend.
|